21 september 2015

Zo schrijf je beter: Schrijf concreet #oftochzoiets

Schrijftip Schrijven Magazine

In nummer 1, Jaargang 19 van het magazine 'Schrijven' schrijft Joey Brown over het belang van concreet zijn. Zo moet de beginzin van een verhaal een concreet beeld oproepen. Is dat niet zo, dan haakt hij vrijwel meteen af. De lezer moet zien, horen en ruiken wat het hoofdpersonage ziet, voelt en ruikt. Schrijven met je zintuigen, dus.
Ik probeerde haar tip meteen uit op mijn laatste schrijfsel. Een schrijfoefening van 10 minuutjes naar aanleiding van een opgelegde beginzin. Hieronder het resultaat.
Mijn zus wil me niet vertellen waar ze de brief verborgen heeft. De blauwe, met hartjes en kruisjes. En vooral ook met mijn naam erop. De postbode bracht hem vanmorgen. Mats schrijft nog graag ouderwetse brieven. Omdat de schoolbus al stond te wachten, gooide ik hem snel op het tafeltje in de hal. Samen met een stapel reclameblaadjes en een rekening voor mama.
Waarom heb ik hem niet gewoon in mijn rugzak gepropt? Dan had ik zijn woorden al tijdens de doodsaaie les van aardrijkskune kunnen lezen. Met piepend krijt en geschuifel van onrustige voeten als achtergrondmuziek. Maar ik hield van het idee dat er nog een brief op mij lag te wachten, denk ik. Ik wilde nog even fantaseren over de woorden waarmee hij over ons schreef. Bang voor teleurstelling misschien ook. En nu is hij dus weg. Mijn brief.
Ik weet zeker dat Carlotta hem heeft. Ze keek veel te schuldig toen ik er daarnet om vroeg. Misschien heeft zij zijn woorden wel al gelezen. Heeft ze zitten giechelen om zoveel verliefdigheid. Of misschien heeft ze ontdekt dat ik er ons geheim heb uitgefloept. Zomaar. En dat hij daar niet echt blij van werd. Nee, dat kan niet, dan zou ze de brief onmiddellijk onder mijn neus hebben geduwd toen ik uit school kwam. En me gemeen hebben aangekeken met die koude blauwe ogen van haar. 
"Carlotta," gil ik naar beneden, "mama heeft hem echt niet op mijn kamer gelegd. Vertel me verdomme waar je hem hebt gelaten of ik vermoord je!" Met stampende voeten loop ik de trap af. Ik vind haar in de keuken met een kop dampende muntthee. De brief houdt ze in haar handen. Haar gezicht verraadt nog niet hoeveel ze weet.  
Ze glimlacht fijntjes. Mijn handen worden vuisten. "Lieve, lieve Noa," leest ze, "zal ik verder doen? Of heb je liever dat ik hem in hele kleine stukjes scheur? Misschien eerst nog even verder lezen?" zegt ze gemeen. Ze strijkt de brief glad en schraapt haar keel. Ik heb het gevoel dat ik nu elk moment kan ontploffen, maar ik sta aan de grond genageld. 
Carlotta leest verder. "Ik kan maar niet vergeten wat je me dit weekend vertelde. Over jou en Carlotta. En het deed zeer. Veel zeer. Met een misprijzende blik kijkt mijn zus op van de brief. "Ik wist dat je zwak was, Noa, maar zo zwak? Je hebt godverdomme alles verpest."
Bij die woorden ontplof ik. Ik storm op Carlotta af en probeer de brief te pakken. Hete thee loopt over mijn jeans. Ze houdt de brief treiterig boven haar hoofd. Mijn vuisten willen slaan, maar ik ken Carlotta. Die geeft niet toe. Nooit. Langzaam begint ze de brief te scheuren. Ik grabbel hem vast, maar zo maak ik het nog erger. We hebben elk een halve brief in onze handen.
"Carlotta, trut", sis ik.  Ik zie dat ik alleen de woorden in mijn handen heb die ze net heeft voorgelezen. Tranen springen in mijn ogen. "Geef - mij - dat - ander -stuk", zeg ik traag. Maar Carlotta schudt haar hoofd.
"Alleen als jij me ons geheim teruggeeft", zegt ze stil en ze loopt weg. Ik blijf achter in de keuken. Met de scherven van een theekop. En voor één keer weet ik echt niet hoe het nu verder moet. 
En toen waren mijn tien minuten voorbij en wist ik dus echt niet meer hoe het verhaal verder moest. Maar misschien ontdek het geheim nog wel. Later.

Follow my blog with Bloglovin


Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...