Posts tonen met het label schrijven over schrijven. Alle posts tonen
Posts tonen met het label schrijven over schrijven. Alle posts tonen

13 december 2016

Over verjaardagen, Van Gogh en inspiratie

Dromen bij duizend lichtjes in het donker

Zondag was ik jarig. Voor de teveelste keer, vind ik zelf. En maandag was meneer Katrien jarig. Traditiegetrouw trakteren we onszelf dan op een weekendje vrijaf van het 'echte' leven. Samen weg, dat is nooit voor de teveelste keer.
We dromen dan samen dat we nooit ouder werden dan de dag dat we elkaar voor het eerst kusten. Euh, juist ja, bijna twintig jaar geleden ondertussen. We dromen ook dat alles nog kan. Dat kan ook! En we dromen nieuwe plannen voor het jaar dat komt.
Dit jaar droomden we in Amsterdam. We droomden kilometers lang tot onze voeten brandden. We droomden bij heerlijk eten in een piepklein restaurantje. We droomden bij duizend lichtjes in het donker.
We droomden ook in het Van Gogh museum. We wandelden langs velden in een wereld die meer dan honderd jaar geleden ophield te bestaan. We vermoedden tussen de verf een kunstenaar die probeerde te doen wat hij moest. Ondanks alles.

Verzamelplaats van ideeën

Overal in het museum hangen quotes van de schilder. Ze leken mij toe te spreken. Het waren stuk voor stuk aanmoedigingen om door te gaan. Om te schrijven. Ondanks twijfel, afleiding en ja, ook een beetje angst #oftochzoiets.
Ik zet mijn favorieten hieronder op een rijtje. In het Engels, omdat dat altijd goed klinkt. Veel uitleg vragen ze niet. Toch?
"The beginning is perhaps more difficult than anything else, but keep heart, it will turn out all right"
"If you hear a voice within you say, 'you cannot paint', then by all means paint and that voice will be silenced."
"I am always doing what I cannot do yet, in order to learn how to do it."
"There may be a great fire in our hearts, yet no one ever comes to warm himself at it, and the passers-by see only a wisp of smoke."
"How difficult it is to be simple."
Al die ideeën neem ik mee in een nieuw jaar. Naast alle andere plannen die broeden in mijn hoofd. Van Gogh heeft de deur terug opengezet. Niet op een kier, maar wagenwijd.

De deur staat open


Follow my blog with Bloglovin

21 november 2016

Schrijven: moeten werkt niet #oftochzoiets

Als schrijven even moeilijk gaat.

En toen liep het helemaal mis met mijn schrijfvoornemens. Ik bouwde nochtans een heleboel schrijfverplichtingen in: een cursus, een maand lang elke dag schrijven voor Nanowrimo, wel 6 verschillende nieuwsbrieven die mij op 6 verschillende momenten moeten aanzetten tot schrijven en, euh, deze blog.
Het probleem zit geloof ik in het woord 'verplichtingen' en in overdrijven, dat ook. Ik wil meer doen dan mogelijk is. Want elke dag twee uur schrijven, dat is niet helemaal haalbaar in mijn wereld. Bijgevolg raak ik gefrustreerd. En blokkeer ik uiteindelijk helemaal.
Hoe los ik dat op? Zo misschien?
  1. Ik hoef niet elke dag twee uur te schrijven. Ik zou dat wel willen, maar mijn agenda zegt duidelijk 'nee, no way'. In plaats van niet te schrijven omdat twee uur vrijmaken niet lukt, kan ik maar beter elke dag tien minuutjes aan de slag gaan. En dan één keer in de week een paar schrijfuurtjes in de agenda gooien. 
  2. Ik mag af en toe onzin schrijven. Niet elk woord dat ik op papier zet, moet fantastisch zijn. Nee, integendeel, gewoon maar wat rommelen leidt vaak onbewust ook ergens naartoe. 
  3. Ik schrijf ook als ik niet schrijf. Dat mag ik niet vergeten. Schrijven gebeurt niet alleen als ik voor mijn scherm zit. Schrijven doe ik ook als ik vlak voor het slapengaan zomaar ineens een idee heb. Als ik onderweg naar huis even MOET stoppen om een geniale zin neer te schrijven. Of als iemand iets zegt waardoor in mijn hoofd een heel verhaal ontstaat. 
Voila, dan ga ik nu even bewust niet schrijven. En wie weet schrijf ik dan plots stiekem wél!


Follow my blog with Bloglovin

12 september 2016

Krabbelen: 7 manieren om te blijven schrijven

Zeven tips om te blijven schrijven
 
Op Pinterest heb ik een mapje 'Krabbelen'. Het is een bonte verzameling schrijftips. Dingen waarvan ik denk: 'Interessant, moet ik later eens lezen.' Maar je raadt het al, later komt nooit. De oplossing is gelukkig niet ver weg. Ze ligt zelfs hier, op mijn blog. In een nieuwe reeks waarin ik af een toe één van mijn 'pins' onder de loep neem. Easy!

Deze keer eentje met tips om te blijven schrijven (ook als het niet goed lukt): Seven writing hacks van The write practice.

#1 Stel doelen: Natuurlijk schrijf je niet gewoon 'Schrijf een boek' op je to do-lijstje. Bedenk een realistisch schrijfdoel, zoals bijvoorbeeld 1.000 woorden per dag.
Moet lukken, alleen zijn er tegenwoordig dagen dat ik nog geen tien minuutjes tijd voor mezelf heb. Zoals de rest van deze week bijvoorbeeld. Een week met twee oudercontacten, een avondles en een doktersafspraak. Goed gevuld, dus.

#2 Prioriteiten: Beslis wat belangrijk is om eerst te doen. En nee, dat is hoogstwaarschijnlijk niet die schattige kattenfoto op Instagram posten.

Moeilijker, ik laat me makkelijke afleiden door alles wat er op social media gebeurt. Ik denk dat ik gewoon moet schrijven zonder wifi. Korte pijn. 

#3 Denk aan je doel: Als je helemaal vastzit en schrijven lijkt plots het vreselijkste dat je ooit gedaan hebt, denk dan aan je uiteindelijke doel. Dat boek met jouw naam op bijvoorbeeld.

Ja, ik geef toe, die droom is er. Meestal maak ik mezelf wijs dat ik niet iemand ben die dat kan: een boek schrijven. Maar zo lukt het natuurlijk nooit. Dus vanaf vandaag zeg ik elke dag tegen mezelf in de spiegel: 'Hé, jij daar, ooit schrijf jij een boek!'

#4 Zet je koptelefoon op: kies een soundtrack voor je vehaal en luister steeds naar dezelfde muziek om in de juiste schrijfstemming te komen.

Hmmm, niet echt iets voor mij. Ik schrijf het liefst in stilte. Zonder enige afleiding. Maar misschien moet ik het eens een kans geven. 

#5 Beloon jezelf: deel je doel voor de dag in stukken en beloon jezelf na elk afgewerkt stukje. Met een hapje, een beetje frisse lucht, een dutje, ...

Jaaaa, beloningen, dat is wel helemaal iets voor mij. Naar een doel toewerken wordt écht makkelijker als er iets tegenover staat. Op dat vlak ben ik net als mijn meisjes, vrees ik. 

#6 Onthoud dat je maar een mens bent: er zullen dagen zijn dat het niet lukt. Dagen waarop je niet het geplande aantal woorden op papier krijgt. Geef jezelf dan de toestemming om te falen. Zoals elk mens weleens doet.

Een lastige. Bij mij is het altijd het één of het ander. Ofwel heb ik een fase waarin ik perfect wil zijn en mezelf geen millimetertje ruimte laat om fouten te maken. Ofwel ben ik aan het slabakken en ben ik te lief voor mezelf (en word ik L.U.I).

#7 Blijf weg van social media: het is niet alleen de grootste afleiding die er is, je moet ook met je beide voeten in het echte leven staan. Ver weg van je computer. Hoe meer je leeft, hoe meer je schrijft.

Leven? Dat is geen probleem. Tussen de bedrijven door ook schrijven ... dat is wat anders.

Ik ga zeker eens aan de slag met tip 4. De rest lijkt me allemaal een beetje evident, toch? Met welke tip(s) kan jij aan de slag?



Follow my blog with Bloglovin

25 augustus 2016

Schrijf het ... in je reisdagboek

Op avontuur met kinderen

Een dagboek bijhouden op reis. Een traditie die begon toen ik voor de allereerste keer met mijn vriendje - nu meneer Katrien - op reis ben gegaan. Gewoon elke dag wat indrukken neerpennen. Soms ik een stuk, soms hij een stukje. Maar tot nu toe altijd gewoon in dagboekvorm. Jeweetwel, tekst, met de hand geschreven. En soms hier en daar een ticketje of een stadsplan tussen de bladzijden gepropt.
Dit jaar waren de meisjes voor het eerst allebei groot genoeg om mee te doen aan deze traditie (lees: klein meisje zit in het eerste leerjaar, dus ze kunnen nu allebei min of meer meeschrijven en meelezen). Voor die gelegenheid heb ik de spelregels een klein beetje veranderd:
  1. in één klein boekje passen veeeeel avonturen: één notitieboekje is sowieso te dik voor één vakantie (tenzij je op wereldreis vertrekt, maar zo avontuurlijk zijn we hier niet). Het gevolg: een schap vol halfgevulde notitieboekjes in mijn boekenkast. Jammer toch? Daarom wil ik een poging doen om in dit boekje te blijven doorschrijven. Ook een dagje naar de zoo of naar de zee kan trouwens een avontuur op zich zijn.
  2. er mag wat kleur van de bladzijden spatten: schrijven is leuk, maar we maken het nog leuker. Tekeningen, kaartjes, speciale vondsten ... maken de dagboekverhalen wat luchtiger. Op Pinterest vind je bergen inspiratie. En de meisjes tekenden uiteraard graag mee.
  3. een beetje rommelig kan ook: gloednieuwe notitieboekjes en ik, dat ligt soms moeilijk. Ik wil alles perfect doen. Het juiste kleurtje voor dat ene titeltje. Mooi eindigen onderaan de rechterbladzijde. Geen doorstreepte woorden. Probeer dat maar eens met twee enthousiaste, meeschrijvende meisjes. Na een paniekreactie op dag één: "Nee, daar toch niet, op het volgende lijntje!", heb ik het maar losgelaten en ben ik beginnen genieten van de creatieve inbreng van de meisjes.
Benieuwd naar onze avonturen? Ik laat jullie graag meesnuffelen in de eerste bladzijden van ons gloednieuwe reisdagboek.

Uit ons reisdagboek
Uit os reisdagboek
Uit ons reisdagboek



Follow my blog with Bloglovin

9 augustus 2016

Een zee van woorden


Drie meisjes aan zee. Groot meisje, klein meisje en ik. Meneer Katrien werkt nog. Wij eten ijsjes, bouwen zandkastelen en zoeken schelpen. We dansen door de dag.
Als mijn meisjes uitgeput in slaap vallen, probeer ik te schrijven. Schrijven aan zee is als zoeken naar schelpen. Als schatten jagen op het strand. De golven fluisteren ideeën in je oor. De wind waait je gedachten naar plekjes waar ze nog nooit zijn geweest.
Geen wonder dat er zoveel mooie teksten zijn over de zee. Zoals dit pareltje. 
Een zee van woorden
Of mijn teksten zeewaardig worden? Nog geen idee. Ik zie wel waar ik strand. (Sorry voor de woordspelingen, maar ik kon het niet laten.)



Follow my blog with Bloglovin

4 juli 2016

Schrijven is loslaten


Mijn opdracht deze week? Loslaten. Om te beginnen mijn meisjes. Tien dagen zijn ze op zwier. Mijn hoofd weet dat ze mooie herinneringen aan het maken zijn met hun vriendinnetjes. Mijn hart, tja, mijn hart wil ze het liefst zo snel mogelijk terug in hun eigen bed. Dicht bij mij.
Tegelijk geniet ik van de tijdelijke rust. Geen ruzietjes om op te lossen. Geen gehaast om op tijd eten op tafel te toveren. Geen rommelhopen die vanuit het niks verschijnen. En vooral: tijd en ruimte om te schrijven.
Ook tijdens het schrijven wil ik deze week loslaten. De woorden laten stromen zonder nadenken. Ideeën laten groeien. Mijn rechter hersenhelft aan het werk zetten.
Ik las daarover vandaag een mooie tip bij Tjitske Jansen. Over schrijven met de gordijnen open of dicht. Ze heeft het over Connie Palmen, die blijkbaar het liefst met de gordijnen dicht schrijft. Geconcentreerd. Met maar één doel: de perfecte tekst. (Yep, zo deed ik het tot nu toe ook.) Er zijn echter ook schrijvers die de gordijnen liever opendoen. Die losser werken. 'Gewoon' een beetje spelen. Dat is precies wat ik deze week ga uitproberen: spelen. Net als mijn meisjes.



Follow my blog with Bloglovin  





19 juni 2016

Gezegd over schrijven: Hemingway (en ook een beetje Joey Brown)

Write hard and clear about what hurts

"Als ik schrijf, moet ik huilen", las ik deze week op de blog van Joey Brown. Ze heeft het over niet nadenken wanneer je schrijft. Over de woorden er laten uitstromen als honderden wilde rivierstroompjes tegelijk. Over open en bloot durven schrijven. Dat is ook precies wat Hemingway bedoelt (denk ik). Maar daar wringt het schoentje. Vaak.

Ik moet durven. Durven alles loslaten. Lelijke zinnen durven schrijven. En ook lelijke gedachten toelaten. Veel te vaak blijf ik te braaf. Zit er nog een filter op mijn gedachten. Blijft het echte verhaal verborgen.

Ik voel nochtans perfect aan wanneer ik écht schrijf en wanneer niet. Wanneer ik écht schrijf, komen de woorden vanzelf. Verras ik mezelf. Voelen mijn verhalen waar. Toch zit ik  vaak te zoeken naar woorden en dan voelt wat ik schrijf, tja, gezocht.

Echt schrijven lukt me beter wanneer ik met de hand schrijf. Op momenten dat het stil is in huis. En er niet teveel andere gedachten door mijn hoofd dwalen. Je weet wel: boodschappenlijstjes, die ene opdracht op het werk of andere hersenspinsels.

Ik moet kwetsbaar durven zijn. De deur openzetten naar wat leeft in mijn hoofd onder de hinderlijke hersenspinsels en gewoon ... schrijven.



Follow my blog with Bloglovin 

30 mei 2016

Ssst, ik werk aan stap drie


In mijn vorige blog had ik het over 'mijn plan'. Een vijfstappenplan dat ervoor moet zorgen dat ik eindelijk een (groter) verhaal afwerk. Bij stap drie schreef ik toen deze zin:
Als ik weinig tijd hebt, geef ik voorrang aan mijn schrijfproject. Altijd!
Ik schreef die zin toen al met een klein hartje. Want het betekent dat ik moet kiezen voor mijn verhaal en niet voor mijn blog als het erop aankomt. En dat is jammer. Maar ook goed.
Een blog schrijven is voor mij relatief eenvoudig. Ik heb ideeën genoeg en op een avond (of twee) boks ik makkelijk een post in elkaar. Bloggen geeft ook onmiddellijk voldoenig. Van zodra ik op publiceren klik, lezen jullie mee en volgen er reacties.
Dat is helemaal anders wanneer ik aan een verhaal werk. Dan moet ik zwoegen. Schrijven en herschrijven. In mijn eentje. Zonder te weten waar al dat ploeteren uiteindelijk toe zal leiden.
Daarom heb ik de neiging om vaker te bloggen dan 'echt' te schrijven. Maar dat mag nu niet meer van mezelf. Er is een plan dat ik MOET volgen.
Daarom heb ik de voorbije dagen al mijn schrijfprojecten op een rijtje gezet. Er eentje uitgekozen. Gewerkt. (Stap twee en stap drie dus.)
Dit kan ik al vertellen:
  • het wordt een verhaal voor kinderen
  • het hoofdpersonage heet Lotta
  • het bevat dit fragment: 'Mien speelt geheime spelletjes. Ik mag niet meedoen. Ze heeft eigen spelregels die ik niet begrijp.' 
Over naar stap vijf van mijn plan: mijlpalen. Ik begon aan dit verhaal voor een online cursus 'Schrijven voor kinderen'. De eerste mijlpaal ligt dus voor de hand: de cursus afwerken. Daarom ga ik NU mijn volgende opdracht naar de docent mailen. (Enneuh, no worries, ik blijf bloggen, alleen iets minder vaak.)



Follow my blog with Bloglovin 

25 april 2016

Een nieuw verhaal: van begin tot eind

Een verzameling tips over verhalen schrijven.

Een nieuw verhaal schrijven... Begin dit jaar startte ik een reeks posts over de dingen waar ik tegenaan liep. Letterlijk alles, van begin tot eind, kwam aan bod. Voor jullie (en ook een beetje voor mezelf) zet ik ze allemaal nog even op een rijtje. Handig voor moeilijke schrijfmomenten.

Het begin
Geen verhaal zonder begin. Of eerder, zonder idee. Zonder allereerste zaadje. En die zaadjes voor je verhalen kan je letterlijk overal vinden. Gewoon je ogen en oren openhouden, is vaak meer dan genoeg.

Pittige personages
Elk verhaal valt of staat met zijn personages. Personages moeten leven. Je moet kunnen voelen wat zij voelen en denken wat zij denken. En weten dat het 'echt' is. Daarom zijn er drie belangrijke dingen die je met je personages moet doen.

Vertelperspectief
Het perspectief dat je kiest, heeft sowieso invloed op je verhaal. Daarom is het handig om bij de start van je schrijfproces een beetje te spelen met het perspectief. Probeer verschillende dingen uit en kies dan het vertelperspectief dat het beste aanvoelt.

Vertelde tijd
Vertel je over één belangrijke dag in het leven van een personage? Of kies je voor een lange geschiedenis? Ik heb zo mijn eigen voorkeur. Maar iedereen doet natuurlijk lekker zijn eigen zin.

(Be)schrijven
Ellenlange beschrijveingen zijn misschien niet meer van deze tijd, maar goede beschrijvingen blijven belangrijk. Ze helpen je lezer om echt in het verhaal te stappen.

En dan het einde
Vaak is het einde helemaal zoek bij mij. Ik weet niet altijd goed waar ik mijn personages naartoe moet leiden. Daarom verdiepte ik mij in mogelijke soorten eindes. Ik hoop dat het helpt. Want het einde is er nog altijd niet.

Veel schrijfplezier! Ook ik blijf oefenen, schaven en schrappen ...



Follow my blog with Bloglovin

14 april 2016

Een nieuw verhaal: er een eind aan schrijven

Een einde aan een verhaal schrijven

Nieuwe ideeën komen vlotjes. In de flow van een verhaal geraken, dat lukt ook. Maar dan. Het einde. Ik merk dat ik het altijd moeilijk vind om naar een einde toe te werken.

Omdat ik het verhaal niet wil loslaten misschien. Of omdat ik moeite heb om over het lot van mijn personages te beslissen. Ik wil ook niet dat het einde een teleurstelling is voor mijn lezers. Want niets is vervelender dan een roteinde.

Volgens Ton Rozeman heeft elk verhaal twee eindes: het einde waar de personages en de schrijver naartoe werken en het einde dat hen overvalt.

Het eerste einde is dat wat binnen de verwachtingen ligt, schrijft Rozeman. Dat waar het personage op hoopt, of voor vreest. En daar beginnen de problemen al. Ik schrijf meestal niet met een vooropgezet plan. Ik ken de drijfveer van mijn personages wel, maar ik heb van tevoren totaal geen idee waar het naartoe gaat. Wanneer ik probeer te plannen, verlies ik snel mijn belangstelling.

Misschien moet ik toch plannen, maar onthouden dat ik het plan eender wanneer mag loslaten. Omdat er nog een tweede einde is. Een verrassend, nieuw perspectief dat mij zomaar kan overvallen. Zo hou ik toch de spanning in het schrijven. De spanning waar ik zo van hou.

Op Schrijven online vond ik een lijstje met mogelijke eindes voor wanneer het einde zoek is. Een beetje richting helpt.
  • happy end: Zoals in sprookjes, ze leefden nog lang en gelukkig. Alles valt na heel wat drama terug in de plooi.
  • comic relief: De held en de slechterik hebben heel wat meegemaakt, maar uiteindelijk loopt alles goed af. Om het laatste restjes spanning weg te nemen wordt er beloten met een grap.
  • plotselinge plot twist: De laatste alinea, of de laatste zin zet het hele verhaal op zijn kop.
  • open einde: De moordenaar zit achter tralies ... of toch niet? Er zijn nog losse eindjes in het verhaal die om een vervolg schreeuwen. 
  • slechte afloop: Het hoofdpersonage heeft alles in de soep laten draaien en ziet geen uitweg meer.
  • andere slechte afloop: Het loopt slecht af met de held, maar het hogere doel werd wel bereikt. 
  • de bal is rond: Het verhaal eindigt waar het begonnen is. Een handeling, sfeer of zelfs de beginzin keert terug, maar krijgt na het verhaal een heel andere lading. 
Van welk soort einde houden jullie het meest? 



Follow my blog with Bloglovin

10 april 2016

Een nieuw verhaal: vijf (be)schrijfoefeningen

Quote Virginia Woolf

Beschrijven. Het lijkt iets uit boeken van vroeger. Waarin schrijvers bladzijden lang beelden schilderden met woorden (denk aan Tolkien in Lord of the Rings). In moderne literatuur komt het verhaal veel meer uit de actie. Toch moet ook een moderne schrijver bedreven zijn in beschrijven.

Misschien is het ondertussen zelfs lastiger. Want schrijvers van nu moeten in zo weinig mogelijk woorden een precieze en gedetailleerde beschrijving geven. De meeste lezers zijn op zoek naar personages en actie. En net genoeg beschrijving om het verhaal voor ogen te kunnen zien. Bij lange beschrijvingen haken ze af.

Beschrijvingen kunnen heel simpel zijn. Je moet gewoon naar iets kijken (of het voor ogen houden) en vertellen wat je ziet. Een goede beschrijving? Die bestaat alleen uit de elementen die echt belangrijk zijn, met precies de juiste woordkeuze.

Vijf (be)schrijfoefeningen
  1. Beschrijf je favoriete plek. Je slaapkamer, het park, je stamcafé. Filter alle actie weg en focus alleen op de ruimte. 
  2. Denk aan een favoriet filmpersonage. Beschrijf hem of haar van kop tot teen. Beperk je niet tot het uiterlijk van het personage, maar beschrijf ook zijn of haar manier van doen. Let wel: zonder dialoog of actie. 
  3. Beschrijf een moeilijk begrip voor een kind. Het zonnestelsel bijvoorbeeld. Hoe beschrijf je dat op zo'n manier dat een kind zijn plek erin begrijpt? 
  4. Droom je (net als ik) van een eigen boek? Beschrijf hoe de cover er uit zou moeten zien. 
  5. Beschrijf één ding op 10 verschillende manieren. Gebruik telkens maar één zin.  
De laatste oefening probeer ik zelf even uit. Met, euhm, hitte bijvoorbeeld.
  • De tegels rond het zwembad waren zo heet dat ze blaren brandden in de voetjes van Mira en Cas. 
  • Alles was heet. Zo heet dat autobanden wegsmolten op het asfalt en zelfs het asfalt vloeibaar werd. 
  • De hitte zinderde en schilderde vijvers onder zijn oksels en meren op zijn rug. 
  • De hete zon verspreidde zich over mijn lichaam als een mes met choco over een sneetje brood. 
  • Het was zo'n gloeiend warme middag waarop zelfs de vogels liever zwegen. 
  • De stekende zon tekende onmiddellijk rode vlekken op de plekken waar de zonnecrème mijn huid niet had gevonden. 
  • De tent werd warmer. Nog even en we zouden niet anders kunnen dan naar buiten drijven. Op zoek naar water om een nieuwe zonovergoten dag door te komen. 
  • De thee schroeide haar lippen net niet en ze voelde hem warm en traag naar beneden lopen.  
  • Het graanveld rolde zich loom over de heuvels in de brandende julizon.
  • Het badwater kookte mijn huid net niet van mijn lijf. 
Voila, mijn schrijfspieren zijn weer een beetje getraind. Als jij ook aan de slag gaat met één van de oefeningen, lees ik graag het resultaat!



Follow my blog with Bloglovin

12 maart 2016

Schrijfdag Creatief Schrijven: tijd om vrede te sluiten met mijn pen

Schrijfdag Creatief Schrijven

De afgelopen weken woedde er een stille oorlog in mijn huis. Oorlog tussen mijn overvolle hoofd en elke mogelijke witte bladzijde die in mijn buurt kwam. Ik verfoeide ze. Wist niet meer wat ik er mee moest aanvangen. Wilde er alleen maar dikke vette strepen op trekken.
De oorzaak? Geen idee? Hoe begint een oorlog? Misschien lag het aan de eeuwige twijfel die altijd op de loer ligt. Misschien had ik mijzelf té lang, té veel onder druk gezet. Of misschien was ik even vergeten dat ik toch vooral schrijf omdat ik het gewoon graag doe.
Daar werd ik mij vandaag opnieuw van bewust tijdens de schrijfdag van Creatief Schrijven. Ik moest er heel wat kilometers voor rijden. Want de C-Mine in Genk ligt niet direct in mijn achtertuin. Gelukkig vormde het oude mijnterrein de perfecte achtergrond voor een vredesoffensief tussen mijn pen en ik.
Ik dacht heel vaak 'Juist ja!' bij het verhaal van jeugdauteur Kaat Vrancken. Ik leerde anders kijken (door een lens) tijdens de workshop flitsverhalen. Ik praatte met andere schrijvers. Herkende mezelf. Glimlachte om de slam poetry van Jee Kast. Maar vooral. Ik keerde terug met genoeg ruimte in mijn hoofd om opnieuw bladzijden te vullen.



Follow my blog with Bloglovin

19 februari 2016

Een nieuw verhaal: de spanning tussen vertelde tijd en schrijftijd


Vertelde tijd 
Ik heb een voorkeur voor boeken waarin de vertelde tijd kort is. De 'Dertig dagen' van Annelies Verbeke bijvoorbeeld. Lekker duidelijk. Of neem nu 'Gebr.' van Ted van Lieshout. Daarin is de vertelde tijd exact even lang als de tijd die het hoofdpersonage nodig heeft om het dagboek van zijn broer te lezen. Of Ulysses. De dikste pil waar ik me ooit doorgeworsteld heb. Maar er gaat amper één dag voorbij.
Hoe dat komt? Ik weet het niet. Misschien zit er een soort intensiteit in die verhalen die ik minder voel bij een lange geschiedenis. Iets dat zindert en bruist. Omdat er meer tijd is voor emotie. Voor puur beleven. Mee-leven.
Als ik zelf verhalen bedenk, zijn het geen ingewikkelde familiegeschiedenissen. Geen verhalen over honderdjarige oorlogen, ook al mogen die er ook best zijn. Het zijn momentopnames. Kleine verhalen over dingen die een leven voorgoed veranderen.
Schrijftijd
Betekent dat ook dat die verhalen zich sneller schrijven? Nee dus. Het is zwoegen en wroeten. Binnenste buiten keren. Of achterste voren. Of gewoon opnieuw beginnen. Mijn schrijftijd is waarschijnlijk tien (of eerder honderd?) keer langer dan de vertelde tijd.
Schrijftijd is daarom immens belangrijk. Om in het verhaal te blijven, schrijf ik liefst elke dag. Juist, ja. Elke dag. Niet makkelijk met een gezin en een voltijdse job (waarin ik ook nog eens schrijf). Soms lukt dat perfect. Dan blijven de vuile sokken liggen op de badkamervloer en komt er al eens vaker pizza op tafel.
Toch moet de wasmachine ooit weer draaien. En groeiende meisjes kunnen best wel wat vitamientjes verdragen. Wanneer ik mij op een gezond weekmenu stort en plots alles opgeruimd wil, valt de schrijftijd stil.
Zo zit ik voortdurend in een op-en-neergaande beweging. Met momenten waarop mijn hoofd alleen bij schrijven zit en periodes waarin het leven het even overneemt. Ik probeer momenteel een tijdje suikervrij te eten. Twee keer raden hoe het dan zit met mijn schrijftijd ... 


Follow my blog with Bloglovin

10 februari 2016

Een nieuw verhaal: vertelperspectief

Door welke bril ziet de lezer het verhaal

Een belangrijke keuze bij het begin van een verhaal is het vertelperspectief. Door welke bril laat je de lezer naar het verhaal kijken? In nummer 6, jaargang 19 van het magazine 'Schrijven' staat een workshop rond vertelperspectief van Carla de Jong. Ideaal om een beetje mee te experimenteren.
Om te beginnen, een definitie: 'Het vertelperspectief is (...) het punt van waarneming van waaruit een tekst of een deel van de tekst wordt verteld.' (Personages, conflict en perspectief, Frank Stüger, 2011, uitgeverij Augustus).
Gevolgd door een opsomming: een schrijver kan kiezen voor een ik-verteller, een personele verteller, een meervoudige verteller of een alwetende verteller. Elk perspectief geeft je verhaal een specifiek karakter. Uitproberen is dus de boodschap. 

Oefening 1
Het ik-perspectief in tegenwoordige of verleden tijd: beschrijf iets dat je zelf hebt meegemaakt eerst in het heden en dan in het verleden. Wat is het verschil in beleving?

Zoek

Ik sta aan de rand van het ballenbad. Voor de zeventiende keer komt ze met een brede glimlach van de glijbaan. Twee is ze en ze voelt zich als een vis, euh tja, tussen de ballen van het ballenbad.
"Nog!" eist ze. Ik geef haar een zetje. De eerste treden van het klimtuig zijn nog wat steil. Daarna kan ze het alleen. Ik sta te wachten tot ik het vrolijke gezichtje van mijn meisje opnieuw van de gijbaan zie komen. Ze laat op zich wachten. Zo is ze wel. Ik kijk of ik haar nog zie klimmen. Niets.
Het duurt nu echt te lang. Heb ik haar net gemist? Ik kijk rond tussen de ballen. Maar geen enkel hoofdje hoort bij mijn kind. Lichte paniek. Ik vraag hier en daar of niemand een klein meisje met blonde krullen en een blauwe trui heeft gezien. Ik krijg twee soorten reacties. Afstandelijke blikken. Van mensen die zich afvragen hoe stom je wel niet bent als je hier je kind kwijtraakt. En begrijpende blikken. Van mensen die onmiddellijk mee op zoek gaan. Raakten ze zelf ooit hun peuter kwijt? Misschien.

Zoek

Ik stond aan de rand van het ballenbad. Voor de zeventiende keer kwam ze met een brede glimlach van de glijbaan. Twee was ze en ze voelde zich als een vis, euh tja, tussen de ballen van het ballenbad. 
"Nog!" eiste ze. Ik gaf haar een zetje. De eerste treden van het klimtuig waren nog wat steil. Daarna kon ze het alleen. Ik stond te wachten tot ik het vrolijke gezichtje van mijn meisje opnieuw van de gijbaan zag komen. Ze liet op zich wachten. Zo was ze wel. Ik keek of ik haar nog zag klimmen. Niets. 
Het duurde nu echt te lang. Had ik haar net gemist? Ik keek rond tussen de ballen. Maar geen enkel hoofdje hoorde bij mijn kind. Lichte paniek. Ik vroeg hier en daar of niemand een klein meisje met blonde krullen en een blauwe trui had gezien. Ik kreeg twee soorten reacties. Afstandelijke blikken. Van mensen die zich afvroegen hoe stom je wel niet bent als je een kind kwijtraakt. En begrijpende blikken. Van mensen die onmiddellijk mee op zoek gingen. Raakten ze zelf ooit hun peuter kwijt? Misschien.

Het effect? Tegenwoordige tijd is heel direct. Je bent als lezer helemaal in het hier en nu. Je beleeft mee. In de verleden tijd kijk je terug. Samen met het personage.

Ik heb mijn dochter trouwens in tranen, maar vooral ook in één stuk, teruggevonden in de armen van een medewerker van de speeltuin.


Oefening 2
Neem een fragment in het ik-perspectief en maak er een jij van. Welk effect heeft dit op de tekst?

Toen ik acht was
Boterbloemen in de wei. Zo hoog als mijn hoofd. Short aan. Laarzen aan. Op avontuur. Pop Pia in mijn rugzak. Als ik hard genoeg trap met mijn laarzen, hier een beetje, daar een beetje, dan heb ik een huis. Een bloemenhuis voor mij en Pia. Daarna gaan we op avontuur. Naar het tuinhuisje van opa aan de rand van de wei. Hij is er niet vandaag. Jammer, geen koekjes. Daarna trekken we helemaal naar het einde van de bloemenwereld. Waar bloemen overgaan in maïs. Pia en ik kijken naar de hoge muur van maïs. Pia wordt een beetje bang. Ze denkt dat er enge dieren tussen de lange maïsstengels wonen.
"Alleen konijntjes Pia", fluister ik, "Er wonen alleen konijntjes." Snel neem ik haar terug mee naar ons huisje. Daar zitten we in de zon. Om Pia de enge dieren te laten vergeten, knutsel ik een bloemenketting. Daar krijg ik honger van. Ik waad door de bloemen en kruip onder de omheining. Mama kijkt op van het onkruid wieden. "Ben je daar?", lacht ze, "Wat denk je van een ijsje?"

Toen je acht was
Boterbloemen in de wei. Zo hoog als je hoofd. Short aan. Laarzen aan. Op avontuur. Pop Pia in je rugzak. Als je hard genoeg trapt met je laarzen, hier een beetje, daar een beetje, dan heb je een huis. Een bloemenhuis voor jou en Pia. Daarna ga je op avontuur. Naar het tuinhuisje van opa aan de rand van de wei. Hij is er niet vandaag. Jammer, geen koekjes. Daarna trekken jullie helemaal naar het einde van de bloemenwereld. Waar bloemen overgaan in maïs. Pia en jij kijken naar de hoge muur van maïs. Pia wordt een beetje bang. Ze denkt dat er enge dieren tussen de lange maïsstengels wonen.
"Alleen konijntjes Pia", fluister je, "Er wonen alleen konijntjes." Snel neem je haar terug mee naar jullie huisje. Daar zitten jullie in de zon. Om Pia de enge dieren te laten vergeten, knutsel je een bloemenketting. Daar krijg je honger van. Je waadt door de bloemen en kruipt onder de omheining. Mama kijkt op van het onkruid wieden. "Ben je daar?", lacht ze, "Wat denk je van een ijsje?"

Het effect? In het ik-verhaal beleef je alles samen met het kleine meisje in de wei. Je gaat als lezer op pad met het personage. In het jij-verhaal voel je meer afstand. Het voelt alsof er een oudere versie (of familie) van het kleine meisje aan het woord is die terugkijkt naar vroeger. Een jij-verteller is volgens mij ook wel erg ongebruikelijk. En voor gevorderden.


Nog meer uitproberen rond perspectief? Op Schrijven online vind je een uitgebreide reeks oefeningen.



Follow my blog with Bloglovin

28 januari 2016

Een nieuw verhaal mét pittige personages

Drie tips voor pittige personages

Voor mijn nieuw verhaal heb ik niet alleen ideeën nodig, maar ook personages. Levensechte personages. Of dat las ik toch overal tijdens de research voor deze post. Maar wat is dat eigenlijk, een levensecht personage? Dit zijn volgens mij de drie belangrijke dingen die je met personages moet doen.
  • Zet ze in gang 
James Wood schrijft in 'Hoe fictie werkt' dat je personages moet laten bewegen. Dat je ze uit de 'blubber van stilstand' moet krijgen. Met andere woorden, de lezer moet ze leren kennen omdat ze dingen doen. Dat is veel interessanter dan simpelweg vertellen hoe ze in elkaar zitten.

Een voorbeeld. Stel dat je hoofdpersonage een extreem verlegen kind is. Hoe vertel je dat aan je lezer?

Blubber
Maud was altijd heel verlegen. Bij mensen die ze niet goed kende, blokkeerde ze. Dan deed ze haar mond amper open.

In gang
Maud stond in de deuropening. Ga maar dag zeggen aan mijn tantes, had mama gezegd. Maar haar voeten wilden niet mee. Ze wist dat ze op haar stem al helemaal niet kon rekenen.   

Wat is volgens jou de interessantste manier?
  • Volg ze  
In nummer 5, jaargang 19 van het magazine 'Schrijven' vertelt Arthur Japin dat je je moet laten verrassen door je hoofdpersonage. 'Je leidt het karaker niet, je volgt het.'
Voor mij werkt dat zo: ik probeer zoveel mogelijk te weten over mijn personages. De grote dingen: zoals hun temperament en hun drijfveer. Die zijn belangrijk voor het verhaal. Maar ook de kleine dingen, die hen menselijker maken. Welke kleding ze dragen, hoe ze ruiken, welke stopwoordjes ze hebben, wat ze het liefste eten ... Dat verzamel ik allemaal met een beetje hulp van een checklist. 
Daarna probeer ik los te laten. De mooiste schrijfmomenten zijn immers de momenten waarop je personage het overneemt. De momenten waarop je gewoon laat gebeuren wat er moet gebeuren.
  • Laat ze ontsporen
'Een literair personage is nooit een grijze muis' las ik op queridoacademie.nl. Een literair personage gaat tot het uiterste, overdrijft en vertoont uitzonderlijk gedrag. Je kunt hem of haar eigenlijk alles laten doen wat je zelf alleen maar durft denken.
Dat is voor mij een moeilijke. Ik heb de neiging om altijd braaf tussen de lijntjes te kleuren en mijn innerlijke criticus heeft nogal veel te zeggen. 'Dat kan je toch niet maken!', roept hij regelmatig loeihard in mijn oor. Wel dus!

Lees je graag mijn vorige post in deze reeks? Daarin had ik het over inspiratie.


Follow my blog with Bloglovin

16 januari 2016

Een nieuw verhaal: 5 manieren om ideeën te bedenken

Leeg notitieboek voor verhaalideeën
 
Eigenlijk zou ik niet mogen, maar het is zooo verleidelijk. Opnieuw beginnen. Met een wit blad, nieuwe ideeën, nieuwe verhalen. Het betekent dat ik een paar andere schrijfkindjes harteloos aan de kant moet schuiven. Dat ik niet de moeite doe om alles eruit te halen wat erin zit. Dat ik weer niet afmaak waar ik aan begonnen ben. Maar toch ga ik het doen. Een nieuw jaar, een nieuw verhaal. Om te beginnen heb ik een boeiend nieuw idee nodig.

Stap 1: ideeën bedenken

Ik sleur altijd en overal een notitieboekje mee. Ook in mijn smartphone zit een hele lijst met ideetjes. Want ideeën zitten overal. In een gesprek dat je opvangt. In het nieuws. Of in euh ... een boek. Als dat klinkt als stelen, lees dan vooral verder.

Mensen kijken
Elke dag kom je mensen tegen die een rol zouden kunnen spelen in je verhaal (als je niet de hele dag achter je schrijftafel zit tenminste). Niks is leuker dan bedenken wat die rol zou kunnen zijn.
Wie is de kerel die je vlak voor het rode licht inhaalt, rechts, over de stoep (Haast hij zich naar huis voor de bevalling van zijn, euh, hond?). Wat betekent dat stukje conversatie dat je oppikt in een koffiehuis ("Er zit een kleuter in mijn klas die elke dag 10 druiven mee heeft. Elke dag. En altijd precies tien.") Of wat denkt de boer op het veld in zijn tractor (misschien droomt hij van een leven als gevechtspiloot).

Kranten lezen
Kijk naar het nieuws. Lees krantenkoppen. Welke verhalen vallen daar te rapen?
  • Zaakvoerder Spar na 10 jaar opnieuw slaags met overvallers.
  • Buur kiepert zijn stront over omheining.
  • Dit spelletje is zo verslavend dat mensen smeken om het te mogen spelen. 
  • Wie kan of mag bepalen wie wanneer recht heeft op een kind.
  • Bijna twee derde van Belgen denkt kanker te krijgen.
Een lijstje waar ik spontaan al enkele ideeën bij krijg. Jij ook?

Wat als ...
Wat als ... is niet alleen een hilarisch programma, maar ook een leuke manier om ideeën te bedenken. Wat als een een klein meisje 's nachts niet kan slapen? Misschien duikt er wel een reus op aan haar venster (De GVR - Roald Dahl). Of wat als een jongen achtergelaten wordt in de jungje? Misschien wordt hij opgevoed door een stel wolven (Mowgli - Rudyard Kipling).

Tussen de regels
Lees backcovers van andere boeken? Waarover gaan ze? Hoe zou jij het verhaal afmaken? Of wat zou je veranderen om er jouw verhaal van te maken? En nee, dat heet niet pikken, dat heet ideeën genereren. Herschrijf een backcover verschillende keren en verander er telkens iets aan. Hieronder vind je het resultaat van twee herschrijfrondes van de achterflap van wespennest van Bart Moeyaert.

Voorbeeld oefening achterflap

Gebruik schrijfstarters
Schrijfstarters zijn korte zinnen of verhaalideeën waarmee je aan de slag kan. Ik heb een kleine verzameling op Pinterest waar ik zelf al een verhaal in lees. Maak er gerust gebruik van. Of ga zelf op zoek naar schrijfstarters (writing prompts) die jou raken.

Heb jij nog andere leuke manieren om ideeën te verzamelen? Ik ben benieuwd!

Follow my blog with Bloglovin

10 januari 2016

Gezegd over schrijven: J.K. Rowling


Ok, ik beken. Ik ben zo iemand die er eeuwen over doet om een eigen mening te vormen. Ik laat mij makkelijk overtuigen door de opinie van anderen. Of ik vind alle mogelijke argumenten aannemelijk. Ik zal het positiever formuleren: ik kan me makkelijk inleven in alles en iedereen. Een enorm voordeel voor een schrijver. Toch?
Het is nochtans handig om een uitgesproken mening te hebben als je schrijft. Om zo met volle overtuiging in een verhaal te duiken. Veel vaker ontdek ik pas achteraf patronen of thema's in de teksten die ik schrijf. Als ik ze teruglees. Schrijven is dus een mooie manier om mijn gedachten vorm te geven. Het helpt mij ontdekken wie ik ben en wat ik wil. Tussen de regels lees ik altijd een verrassing. Meteen ook de reden waarom ik móet schrijven.
Dat schoot door mijn hoofd toen ik de tweet van Jon Winokur hieronder las. Wie Winokur volgt krijgt elke dag mooie quotes over schrijven cadeau.

Ook gezegd over schrijven: Thomas Mann

Follow my blog with Bloglovin


30 december 2015

9 foute redenen om niet te schrijven in 2016

kat slaapt lui

Niet schrijven is zoveel makkelijker dan wel schrijven. Er is altijd wel een reden om er niet aan te beginnen. Ik kan al die excuses maar beter uit mijn systeem hebben, zodat ik van 2016 een mooi schrijfjaar kan maken. Daar gaan we dan ...

Ik kan nu niet schrijven:
  1. omdat er nog strijk ligt, of omdat ik nog moet stofzuigen, of de keuken opruimen. Dat kan allemaal wel waar zijn, maar als ik tijd plan om te schrijven, kan ik maar beter schrijven. De was loopt niet weg. Het stof ook niet. (Maar voor ik deze blog schreef, deed ik toch snel een rondje opruimen en stofzuigen. Oeps!)
  2. omdat ik ook tv kan kijken, of de Flair lezen, of Facebooken. Want niks is belangrijker dan op de hoogte te blijven van de goede voornemens van die ene vriendin uit de lagere school. En je kan nooit genoeg aflveringen van 'Say yes to the dress' gezien hebben. Oftochzoiets. 
  3. omdat ik afgeleid wordt door de kat. Als ze als een malle achter een bolletje wol aanzit, dan moet daar toch een filmpje van gemaakt worden? En als ze op mijn toetsenbord komt zitten, tja, dan is het helemaal gedaan met schrijven. Ik word trouwens even makkelijk afgeleid door een vlieg, de blaadjes die ritselen in de haag of het geluid van de droogkast (Euh ja, die heb ik ook nog snel aangezet.) Maar ik doe mijn best. Komaan, concentratie!
  4. omdat ik denk dat ik later meer tijd heb. Als ik nu maar twintig minuten tijd heb om te schrijven, kan ik beter wachten tot ik ergens een uurtje of twee heb? Toch? Alleen weet ik ondertussen dat de uren waarop ik ongestoord kan schrijven schaars zijn. Dus moet ik maar zoveel mogelijk halen uit alle halve uurtjes die ik bij elkaar kan sprokkelen.
  5. omdat elk verhaal al geschreven is. Naast schrijven ben ik ook zot van lezen. Voor mij kan het één niet zonder het ander. Als ik al die goede boeken lees, vraag ik me af waarom iemand nog moeite doet om te schrijven. Alles is al geschreven. En beter. Moest het niet zo plezant zijn, dat schrijven, en zo onmisbaar. Dan hield ik er onmiddellijk mee op. 
  6. omdat ik niks te vertellen heb. Want wie ben ik eigenlijk? Een simpel meisje dat ergens in een gat in Vlaams-Brabant woont. Hoe saai kan het worden? En toch. Toch zitten er zoveel woorden in mij hoofd die eruit moeten. Nadenken over wie ze wil lezen, is voor later. 
  7. omdat ik even vastzit. Of omdat ik mijn hoofdpersonage echt een trut vindt vanaf bladzijde dertig Of omdat het toch nooit een afgerond verhaal wordt. Niet als ik niet (her)schrijf, nee, dan niet. Doorbijten dan maar?
  8. omdat schrijven hard werken is. Ja, het is lastiger dan in de zetel ploffen na een dag werken. Lastiger dan gewoon even niks doen als het eindelijk stil wordt in huis (Oef, ze slapen!). Maar er is ook niks leuker dan in bed te kunnen kruipen met enkele bladzijden verhaal in mijn vingers. 
  9. omdat ik ook nog wil bloggen. Deze laatste is meteen ook de moeilijkste. Bloggen is schrijven en dat is goed. Maar het betekent ook minder andere dingen schrijven. En dan weet ik soms niet meer of dat bloggen wel een goed idee is. Ik ga in 2016 op zoek naar dat beetje evenwicht, denk ik.
Wat zijn jouw excuses om niet te bloggen, te schrijven, te sporten, te ... ? 


Follow my blog with Bloglovin

28 december 2015

Drie manieren om je stem te vinden

Op zoek naar mijn stem. Dat ben ik. Letterlijk én figuurlijk. Ik ben voor de tweede keer in een maand tijd mijn stem kwijt. Echt kwijt. Dat betekent dat er alleen wat gekraak uit mijn strot komt en dat ik mij verstaanbaar moet maken door stilletjes te fluisteren. Ik heb de meisjes ondertussen verboden om 'Watte?' te roepen. Als ze het toch doen, probeer ik traag en in één woord te fluisteren wat ik wil zeggen. 'Deu-eur', wil zeggen dat ze de deur (voor de tiende keer) moeten dichtdoen. Ook 'Sto-op' (met ruzie maken) of 'Ko-om' (en geef mij eens een knuffel), passeerden de revue.
Niets kunnen zeggen, maakt mij meer dan ooit bewust van alles wat ik er op een dag uitgooi zonder erbij na te denken. Hoeveel betekenis heeft alles wat ik zeg? Hoeveel keer had ik eigenlijk beter gezwegen? Of had ik de boodschap toch iets zorgvuldiger moeten formuleren?


Ook als je schrijft, is hoe je iets zegt minstens even belangrijk als wat je zegt. Misschien zelfs belangrijker. Het maakt je uniek. Alle verhalen zijn al eens verteld. Maar niet op jouw manier. Hoe vind je die unieke en herkenbare schrijfstem? Dat is wat mij deze dagen bezig houdt.
Je eigen stem zit in twee dingen: in de woorden die je kiest én in de manier waarop je naar de wereld kijkt. Schrijf ik liever poëtisch of past rechttoe rechtaan toch beter bij mij? Hoe klink ik echt als mezelf? Welke verhalen vertel ik het liefst? En waarom eigenlijk?

Op mijn zoektocht kwam ik enkele oefeningen tegen die kunnen helpen om je stem te vinden. De volgende drie vond ik zelf het interessantst:
  • Beschrijf jezelf in drie adjectieven. Bijvoorbeeld: rustig, dromer en ruimdenkend. Bedenk dan hoe iemand klinkt die aan die beschrijving voldoet. Of vergelijk jezelf met een romanpersonage (Alice in Wonderland misschien?). Hoe klinkt dat personage?
  • Maak een lijstje van je favoriete boeken, artikels, blogs. Waarin lijken ze op elkaar? Waarin net niet? Wat trekt je aan? Ik hou erg van de stijl van Bart Moeyaert. Sober, eenvoudig, maar tegelijk poëtisch en indringend. 
  • Freewrite, schrijf zonder na te denken. Laat je helemaal gaan. Schrijf op een manier die je geen enkele moeite kost. Lees dan wat je geschreven hebt. Is dit jouw stem? 
Zoals altijd geldt ook deze tip: schrijf gewoon veel (met een kop thee met hopen honing erin). Dan vindt je eigen stem je vanzelf #oftochzoiets. En zelfs dan ben je nog niet klaar. Want heeft een schrijver niet zoveel stemmen nodig als hij verhalen schrijft? Zelfs al lijken ze een beetje op elkaar ...

Meer leesvoer over je schrijstem:
10 steps to finding your writing voice
How to develop your unique writing voice
How to find your writing voice
10 questions to find you unique writing voice
Vijf tips om je schrijfstem te vinden
Schrijf met je eigen stem 


Follow my blog with Bloglovin

15 december 2015

Rampenplanner


Plannen, ik kan dat niet. Of beter gezegd, het kost mij heel veel moeite. Kalenders, agenda's, schriftjes, elektronische agenda's ... Ik heb nog altijd niet dé manier gevonden om mijn plannen - en bij uitbreiding die van mijn gezin - fatsoenlijk bij te houden.
Ik ben dus de mama die in zeven haasten nog een cadeautje voor een verjaardagsfeestje moet gaan kopen (ja, een half uur voor het feestje). De gastvrouw die vergeet dat er iemand komt eten tot er plots volk voor de deur staat (Chinees iemand?). De blogster die een mooie blogkalender maakt ... om die dan volledig aan haar laars te lappen.
Schrijven vraagt nochtans ook om planning. Momenten plannen, waarop je kan schrijven. Tussen alle andere chaos van het leven door. Een plan van aanpak. Om van een hoopje personages, scènes en een decor een goed lopend verhaal te maken.
Help! Is er dan nog hoop voor deze rampenplanner? Ik denk het wel. Ik werk er in elk geval aan. En wel zo.
  1. Schop onder mijn kont en vroeger dat bed uit. In plaats van te blijven snoozen tot het allerlaatste moment, denk ik dat het slim is om een pak vroeger op te staan. Of in elk geval een klein beetje. Zo wordt de ochtend wat rustiger. En blijft er hopelijk wat minder chaos in mijn huis en in mijn hoofd achter. En dat betekent: extra ruimte om te schrijven.
  2. Manlief vragen om onze gedeelde elektronische agenda nieuw leven in te blazen (liefje, bij deze). Zo weet ik beter wat er allemaal op ons afkomt, vermijd ik dubbele boekingen en heb ik hopelijk een beter zicht op de lege gaatjes in de agenda. En dat betekent: extra ruimte om te schrijven. 
  3. Mijn schrijfplan opnieuw oppakken. En systematischer te werk gaan. (Auw, die woorden alleen al doden een deel van het schrijfplezier.) Maar als ik weet waar ik mee bezig ben, moet ik dat niet elke keer opnieuw uitzoeken. En dat betekent: extra ruimte om te schrijven.
Ben jij wel een superplanner? Dan ben ik benieuwd naar jouw toptips.

Follow my blog with Bloglovin
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...